Categorie archief: Jury

Jurylid Pen Stewart stelt zich voor

Pen Stewart

Ik ben Pen Stewart en al van toen ik net kon lezen, was ik bezeten door boeken en verhalen. Elke drie weken kwam ik met een torenhoge stapel leesvoer terug uit de bibliotheek. Een boek schrijven, dat wou ik ooit ook nog wel eens doen. Door omstandigheden heeft dat wel even geduurd. Ik ging lange tijd de kunstenaarskant op, om er daarna weer vanaf te dwalen, want een mens moet nu eenmaal toch wat centen verdienen om te kunnen leven. Daarbij ging ik voorbij aan een heel belangrijk aspect van het schrijver en kunstenaar zijn: het is een persoonlijke noodzaak om te kunnen creëren. Vijf jaar geleden, ik was toen al drie jaar bezig met schrijven, besloot ik het over een andere boeg te gooien en eindelijk te worden wat ik al zolang wou zijn: kunstenaar. Maar ook schrijver. Ik ging minder werken en ging terug studeren. Ondertussen zijn we vijf jaar verder en heb ik twee verhalenbundels gepubliceerd, waarvan mijn schilderijen als cover werden gebruikt. (Nanokanaries en olifantenhersenen, en Tijd M.A.N. chine) Ik schreef ook een verhaal in de splintersreeks van uitgeverij Quasis (Opgejaagd), en schilderde ook daarvoor de cover. Mijn eerste roman, Wintercode, zal eveneens bij Quasis verschijnen.
Verder werden diverse korte verhalen gepubliceerd in verschillende magazines, zoals Wonderwaan en Azra Magazine, waar ik ook een eervolle vermelding behaalde op hun schrijfwedstrijd. Ik nam deel aan nog diverse andere schrijfwedstrijden en won de feniksprijs op de Harland Awards van 2012. In 2015 behaalde ik een mooie top-tien plaats, en ik blijf streven mezelf te verbeteren.
Wat ik bovenal wil zien in een verhaal is originaliteit. Een schrijver moet voor mij ook nog eens boven zijn ambacht uitstijgen en een woordkunstenaar worden. Daarvoor moet hij of zij de technieken en zijn gereedschap zeer goed beheersen, over de nodige durf en verbeeldingskracht beschikken, en moet hij met maatschappelijke verantwoordelijkheidszin schrijven. Ik hou van verhalen waarin al deze elementen op hoog niveau samenkomen, en hoop er vele te mogen lezen in deze wedstrijd. Succes aan alle schrijvers!

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Jury

Jurylid Toi van Gelder stelt zich voor

Toi van GelderHallo, ik ben Toi van Gelder, kom uit het theater en ben docent beweging in de Franse traditie en regisseur van onder andere grote musicals. Mijn motto is ‘mooi, leuk en goed’ en mijn lat ligt hoog. Ik houd van taal, heb veel gelezen en schrijf ook graag, korte stukjes en anekdotes die erom vragen dat je het goed vertelt met een mooie omslag en een goeie pointe. Op het toneel kom je niet weg met flauwekul en dat geldt voor geschreven stukken ook, waarmee ik bedoel dat ik bij het lezen meegenomen wil worden in een andere wereld waardoor ik mezelf even kan vergeten. Dat is een van de belangrijkste functies van kunst. Zodra ik tegen taal- of schrijffouten aanloop of de draad kwijtraak word ik op mezelf teruggeworpen en dat is vervelend want ik wilde juist even aan mezelf (en mijn eigen flauwekul) ontsnappen. Dan gaan er dus punten af. Als ik moet lachen komen er punten bij. Bij het beoordelen van de stukken let ik op opbouw en flow, op kleur en stijlmiddelen, op ritme in taal en beelden en of het allemaal logisch en consequent is hoe wonderlijk het verhaal ook kan zijn.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Jury, Uncategorized

Jurylid Ferry Wever stelt zich voor

Ferry Wever - 20150925_154658Als kind en puber wilde ik nooit lezen, dat was tenslotte maar saai. Inderdaad, ik was zo’n typisch straatschoffie die liever buiten op een schoolplein aan het voetballen was. Totdat mijn moeder mij in de zomer van 1984, ik was toen 16, verplicht lid maakte van de bibliotheek. De reden van mijn moeder was simpel, op mijn nieuwe school (MTS) moest ik verplicht boeken gaan lezen voor Nederlands en die kon ik mooi daar gaan uitzoeken.

En zodoende kwam ik al gauw in aanraking met het genre science fiction. Eerst las ik alleen de bekende en vertaalde Amerikaanse en Engelse science fiction schrijvers, maar na verloop van tijd ontdekte ik de fantasy en ontwikkelde ik een voorliefde voor Nederlandse schrijvers. Als cadeau vroeg ik in die tijd altijd een platen- of boekenbon en van de boekenbonnen kocht ik onder andere de boeken van Wim Gijsen en later van Peter Schaap en Michiel Nijk.

Tegenwoordig ben ik een hopeloze liefhebber van het lezen van fantasy-, science fiction- en horrorboeken. Dikke pillen of korte verhalen het maakt mij niet uit, maar met nog steeds een enorme voorliefde voor de Nederlandse en Vlaamse schrijver. Hun boeken koop ik vaak op een fantasy fair met een gezellig praatje erbij of via de site van de schrijver, want wat is er nu leuker dan het lezen van een speciaal voor jou gesigneerd boek?

Vorig jaar heb ik voor het eerst ervaring opgedaan als proeflezer en dit jaar ben ik gevraagd om te jureren voor de Trek Sagae 2015. Dit vind ik een hele eer en een grote verantwoording, want je gaat toch maar even iemands “kindje” beoordelen. Kortom dit wordt een heel nieuw avontuur dat ik niet licht opvat en ik verwacht dan ook dat jullie inzendingen mij meenemen en onderdompelen in de door jullie gecreëerde fantastische werelden.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder 2015, Jury

Jurylid Marly Terwisscha stelt zich voor

Mijn naam is Marly Terwisscha en ik ben vorig jaar afgestudeerd aan de opleiding Literatuurwetenschap van de Universiteit Utrecht. Ik lees al sinds ik kan lezen en voor zover ik me kan herinneren, schrijf ik ook al sinds ik kan schrijven. Verhalen in alle vormen – films, boeken, tv-series, games etc. – zijn mijn grote passie en ik vind het dan ook een eer en een plezier om jullie verhalen te mogen lezen als jurylid.

Ik zou jullie nu kunnen vertellen wat ik van een verhaal verwacht, of wat ik zoek in een verhaal, maar in plaats daarvan wil ik iets zeggen over waar ik naar zoek in een juryrapport. Aan een goed juryrapport heb je namelijk soms meer dan aan een prijs, omdat het je in staat stelt jezelf te verbeteren en jezelf beter te leren kennen als schrijver. Het gaat er bij het jureren niet alleen om een oordeel te vellen. Dat zou het makkelijk maken: één stempel met ‘ja’ en één met ‘nee’ erop en je bent klaar. Voor mij (en dan heb ik het over de juryrapporten die ik heb ontvangen tijdens mijn eigen deelname aan wedstrijden) biedt een goed juryrapport simpelweg een ander, kritisch perspectief op je verhaal. Zelf zit je zo dicht op je personages en je wereld dat je soms niet meer het overzicht hebt. Vrienden en familie zitten vaak juist weer te dicht op jou, om het zo maar te zeggen, zodat ze niet kritisch genoeg durven te zijn. Een jurylid bekijkt een verhaal van buitenaf en kan je zo niet alleen wijzen op kleine foutjes (in spelling en opmaak), maar ook op de grotere (in verhaalstructuur en karakterisering). Een goed juryrapport biedt inzicht in je eigen schrijven en zet je aan het denken over de keuzes die je hebt gemaakt in je verhaal. Waarom heb ik die ene scène voor de ander geplaatst? Zou het beter werken als er minder personages zouden zijn? Gebruik ik echt zo vaak ‘oké’ in de spreektaal van mijn personages (een persoonlijk voorbeeld, inderdaad)?

Een jurylid heeft niet altijd gelijk. Iedereen heeft een eigen smaak en dat geldt ook voor de mensen die je verhaal zullen lezen en beoordelen. Binnen de jury zullen verschillende meningen bestaan, zodat je misschien een rapport krijgt met lovende en zeer kritische opmerkingen. En als je denkt dat een bepaalde keuze die je hebt gemaakt, gewoon de enige juiste is (het ‘oké’-zeggen van mijn personages is een belangrijk plotpunt, verdorie!), dan kun je het advies van juryleden natuurlijk altijd negeren – op eigen risico.

Samengevat: een goed juryrapport maakt je bewust van hoe je schrijft, zodat je bepaalde elementen een volgende keer kunt herhalen, of juist vermijden. Ik zal voor Trek Sagae mijn best doen om zulke juryrapporten te schrijven.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder 2015, Jury, Wedstrijd

Jurylid Jasper Polane stelt zich voor

Jasper Polane - AuteursfotoMijn naam is Jasper Polane. Ik heb meer dan tien jaar gewerkt als regisseur, animator en scenarioschrijver in mijn eigen animatiestudio ‘Polanimation’. In die tijd schreef ik o.a. bedrijfsfilms en de pre-school tekenfilmserie ‘Dip & Dap’. Van die serie verschenen ook een aantal kinderboekjes bij Just Publishers.
In 2011 deed ik mee met de schrijfwedstrijd van uitgeverij Luitingh Fantasy en Magic Tales, waar mijn roman ‘Lege steden’ op de longlist kwam. Toen besloot ik het manuscript zelf uit te geven. In september 2014 kwam ‘Lege steden’ door middel van crowdfunding uit bij mijn eigen uitgeverij op: Quasis. April 2015 kwam het vervolg ‘Vorstin van de Kou’ uit en in juni 2016 mijn derde roman ‘Wolvinnen van Otrostaadt’.
In de tussentijd heb ik twee keer aan de ‘Paul Harland Prijs’ meegedaan. In 2013 haalde ik de top tien. In 2014 niet, maar ik kreeg tijdens de prijsuitreiking wel een goed idee: korte verhalen uitgeven in de vorm van kleine boekjes. De boekjes moesten maandelijks uitkomen, met verhalen van verschillende auteurs. Dit werd de ‘Splinters’-reeks, die in 2016 maandelijks is verschenen. Sindsdien ben ik dus behalve schrijver en self-publisher ook uitgever van andere auteurs.
Ik vind het een grote eer om Trek Sagae dit jaar voor de tweede keer te mogen jureren. Dankzij mijn werk aan ‘Splinters’ heb ik veel ervaring opgedaan met het lezen, beoordelen, schrijven en redigeren van veel korte verhalen en dat blijf ik voorlopig nog wel doen. Ik weet zeker dat die ervaring me zal helpen bij het jureren. Hopelijk zullen mijn juryrapporten auteurs helpen hun verhalen te verbeteren of aan te scherpen (waar dat nodig is).
Ik kijk ernaar uit om jullie verhalen te lezen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder 2015, Jury, Schrijvers

Jurylid Anaïd Haen stelt zich voor

Als groot liefhebber voor het korte verhaal en het korte sciencefiction- fantasy- of horrorverhaal in het bijzonder, doe ik graag mee aan schrijfwedstrijden. Ze bieden me houvast. Een valreepdatum, een woordenlimiet, vaak een thema of onderwerp: ik vind het heerlijk om ervoor te schrijven.
Mijn boekenkast is gevuld met verhalenbundels. Ik heb er tientallen. Ik lees en herlees ze heel graag, behalve die ene: die van mijzelf. De verhalen in ‘Wraak op het spoor’ kan ik dromen. Ik heb ze bedacht, ze komen uit mijn grote duim. Ik ben trots op ieder verhaal erin, net zo goed als ik trots ben op de uitgaven van de kinderboeken, toneelvoorstellingen en romans, al dan niet samen met Django Mathijsen of Cocky van Dijk geschreven.
Ik begrijp heel goed hoe het voelt een verhaal te schrijven dat uit je binnenste komt. En ik weet hoe moeilijk het is om precies dat over te brengen aan de lezer wat je wilt dat hem bijblijft na het lezen van je verhaal.
Zelf ben ik stapeldol op plotgedreven verhalen. Verhalen waarin ik het doel begrijp (wat niet hetzelfde is als begrip hebben voor het doel), waarin de personages geloofwaardig handelen en waarin de wereld zo is geschetst dat ik even, in ieder geval gedurende het lezen en hopelijk ook daarna nog een poos, ‘weg’ ben.
Overtuiging is het sleutelwoord. Ik wil voelen tijdens het lezen dat een auteur overtuigd is van zijn verhaal en alles wat zich erin afspeelt. Ik wil dat ik geen twijfels heb, nergens aan vast blijf haken. Ik wil dat een verhaal klopt. Met een begin dat me mee zuigt, een middenstuk dat me ademloos doet doorlezen en een eind dat verrassend logisch is.
Dit jaar ben ik met plezier geen deelnemer aan Trek Sagae, maar jurylid. Jureren is een eer en een verantwoording. Eentje die ik serieus neem. Ik hoop van harte dat mijn commentaren duidelijk maken waarom ik een verhaal goed vind en wat ik denk dat er misschien beter kan. Met de nadruk op ‘misschien’, want de enige die beslist over zijn verhaal is de auteur.

Anaïd Haen
Auteur
Organisator Fantastels
www.anaidhaen.nl

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder 2014, Jury, Schrijvers, Uncategorized, Wedstrijd

Jurylid Edith Eri Louw stelt zich voor

edith-eri-louw

Al heel jong wist ik wat ik wilde worden: schrijver. Al op de lagere school schreef ik verhalen en las alles wat ik maar te pakken kon krijgen. Het mooiste vond ik fantastische verhalen, en alles waar een magisch tintje aan zat. Verre werelden, onwaarschijnlijke mogelijkheden, en meisjes in de hoofdrol in plaats van jongens: daarmee kon ik uren zoet zijn. Vooral als er ook nog eens paarden en andere dieren in het boek meespeelden.

Na de middelbare school (waar ik een eerste “boek” schreef) ging ik psychologie studeren. Mijn idee was heel simpel: ik wil eigenlijk schrijver worden, maar daar kun je bijna geen geld mee verdienen, en ik wil ook een paard. Dus therapeut worden leek me ideaal: interessant beroep, waarmee ik mezelf en mijn paard mee zou kunnen onderhouden, en in m’n vrije tijd schrijven.

Het liep een beetje anders. Ik studeerde af, maar had niet genoeg passie om de verplichte vervolgopleiding te doen. In plaats daarvan kocht ik dat eerste paard en begon als een gek te schrijven. Ik begon aan een opleiding tekstschrijven, waar ik een aantal interessante mensen ontmoette met wie ik een literair clubje opzette. We lazen en bespraken elkaars verhalen en gaven optredens in kleine theaters. Ik stopte met de opleiding: ik leerde meer van ons clubje. Ik vond werk bij een aantal paardentijdschriften en begon mijn eigen tekstbureau. En ik schreef, en schreef.

Drie, vier manuscripten stuurde ik naar uitgevers voor er uiteindelijk iemand ja zei: ik mocht Ravens Imperium uitbrengen. Wat een geweldige ervaring was dat, vooral toen bleek dat dat rare boek, waarvan ik niet gedacht had dat iemand het leuk zou vinden, een bescheiden hit werd. Lovende recensies vielen me ten deel en daar was ik erg dankbaar voor.

In de jaren daarna schreef ik veel fictie en ook non-fictie en publiceerde naast een tweede roman (De Bron) ook een aantal paardenboeken. Na mijn tweede roman verhuisde ik weg van Amsterdam om me meer met de paarden bezig te houden; ik kreeg meerdere Connemara-pony’s in training, fokte zelf een veulen en gaf les. Ik volgde een opleiding tot “paardenfluisteraar” en mijn schrijflust uitte zich vooral in artikelen voor het blad VrijRuiter, waar ik hoofdredacteur van werd. (en nog steeds ben).

Ik wilde ook graag andere schrijvers helpen en zette in samenwerking met Schrijven Online een cursus Fantasy Schrijven op, waarmee ik intussen enkele honderden cursisten heb begeleid. Ik mocht jureren bij enkele schrijfwedstrijden, waaronder de Paul Harland prijs en natuurlijk Trek Sagea.

Ik vind het heel inspirerend om te zien wat anderen schrijven. Soms zit ik op het puntje van mijn stoel, soms met kromme tenen. Maar altijd is het eigen en probeer ik feedback te geven waar de schrijver wellicht iets aan heeft.

Ik focus niet op een enkel aspect, maar kijk naar het geheel: plot, spanningsboog en personages, maar ook schrijfstijl, ritme, leesbaarheid. Originaliteit is wel iets waar ik een extra puntje voor over heb.

Rest me iedereen die mee gaat doen veel succes, maar vooral veel plezier te wensen!

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder 2014, Jury, Schrijvers, Wedstrijd

Jurylid Mark Laurence stelt zich voor

Mark Laurence FotoAl in de late jaren zestig verslond ik alle sf en fantasy pockets die op de markt verschenen (in mijn boekenkast vind je nog oude drukken van Vance en Tolkien). Toch duurde het nog tot in het huidige millennium voor ik serieus mijn eigen bedenksels over Bizarre Belevenissen op Wonderlijke Werelden op papier zette. Ik ben dus een laatbloeier. Niet zonder succes overigens: Alex de Jong, altijd attent op talent, nam indertijd “Saranda’s Ogen” op in de eerste PF-jaarbundel.

Later waagde ik me ook aan sf- en horrorverhalen. Met “Het huis van de Groene Madonna” behaalde ik een tiende plaats in de PHP-wedstrijd van 2007, wat me een fraaie oorkonde opleverde. In 2010 wist ik met “Liederen van de eenhoorn” een derde plaats te veroveren bij Fantastels (en opnieuw zo’n fraai certificaat). De laatste tijd schrijf ik minder, maar jureer wel, zoals nu voor Dirks Trek Sagae 2014.

Jureren is een subjectief gebeuren. Elk jurylid hanteert een eigen multidimensionale meetlat waarlangs hij/zij de te beoordelen verhalen legt. Objectiviteit bestaat niet in het jureervak. Daarom ook is het goed dat een jury uit meerdere personen bestaat. Maar ook dan is het van belang dat elk jurylid voor alle verhalen die haar/hem onder ogen komen steeds dezelfde meetlat gebruikt. Dat is vaak moeilijker dan het lijkt, want niet alle verhalen spreken iedereen evenveel aan (gelukkig). Reken maar dat ik me van deze valkuil terdege bewust ben.

Voor degenen die nog niet zoveel stappen op het schrijverspad hebben gezet, raad ik aan om hun personages goed uit de verf te laten komen, te zorgen dat hun verhaal om een conflict draait en vooral het perspectief (vertelstandpunt) in de gaten te houden, want daarbij worden veel fouten gemaakt.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Jury, Schrijvers, Wedstrijd

Jurylid Corina Onderstijn stelt zich voor

Corina Onderstijn foto2

Hallo, mijn naam is Corina Onderstijn.

Schrijven deed ik heel lang voor mezelf. Een paar jaar geleden durfde ik pas mijn werk voor het eerst met anderen te delen, gelukkig met goed gevolg. Zo heb ik nette resultaten behaald bij verschillende wedstrijden voor korte verhalen, waaronder twee keer de tweede prijs bij verhalenwedstrijd Fantastels (2011 en 2013). Afgelopen februari is mijn debutroman ‘Vanbinnen en vanbuiten’ uitgekomen bij uitgeverij Zilverbron.

Dit is de derde keer dat ik zitting mag nemen in de jury voor de Trek Sagae en ik heb er weer zin in!

Ik wil niet van tevoren met mijn voorkeuren jullie schrijven beperken. Uiteraard let ik wel op of het verhaal binnen de genregrenzen en fatsoensnormen ligt, hoewel ik beide rekbare begrippen vind. Ook vind ik het van belang dat een verhaal klopt met zichzelf: dat het de eigen logica blijft volgen.

Doordat ik zelf heb meegedaan aan allerlei wedstrijden, besef ik me hoe zinvol en leerzaam jurycommentaar kan zijn. In mijn juryrapporten zal ik daarom inzichtelijk proberen te maken welke overwegingen voor mij meespelen en hoe ik hierin rangorde aanbreng. Ook zal ik mijn best doen constructief kritisch te zijn en proberen iets te zeggen waar je iets aan hebt. Als actief proeflezer voor deelnemers aan andere wedstrijden heb ik hiermee kunnen oefenen. Dankzij het vele proeflezen heb ik er ook vertrouwen in dat er veel schrijftalent is in Nederland en dat het niveau in het genre hoog kan zijn.

Wees slim, verras me, laat me lachen, huilen of lekker griezelen, zet me aan het denken, houd me een spiegel voor, schets een alternatieve werkelijkheid voor me, verken bestaande thema’s vanuit nieuwe perspectieven, neem me mee op avontuur. Ik sta er voor open. Doe je best en geniet van het schrijven!

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder 2014, Jury

Jurylid Peter Kaptein stelt zich voor

In de periode van 1988 tot 1990 schreef ik meer dan 100 verhalen waarvan sommigen werden gepubliceerd in SF-Terra, een deel ergens op papier op een zolder ligt weg te rotten en het merendeel voorgoed verdwenen is.

Ik hield van het proces van schrijven en ik haatte het proces van redigeren. Redactie stond gelijk aan twijfel en zelfkritiek en een verschuiving van de illusies in mijn hoofd naar de werkelijkheid van mijn geschreven woorden.

Ik gaf begin jaren ‘90 Ator Mondis uit. Ik deed mee aan wat begon als “King Kong Award”, hernoemd werd naar “Millennium Prijs” en momenteel bekend staat als de “Paul Harland Prijs”. Mijn verhalen kwamen vrij consistent in de top 10 en de top 5 terecht. In 2003 was ik mede-jurylid voor de Millennium prijs van dat jaar. In 2013 en 2014 jureerde ik voor de verhalenwedstrijd van Fantastyval.

Na een moeizame periode van meer dan 10 jaar, waarin ik veel verhalen begon die nooit afkwamen, ben ik in 2012 weer actief gaan schrijven.

Potentie en internationaal meedingen

Ik ben van mening dat schrijvers (en illustratoren) in het Nederlandstalige gebied wat betreft potentie en potentiele kwaliteit in niets onderdoen aan hun buitenlandse collega’s. Ik denk dat we met het talent in ons taalgebied kunnen meedingen naar de hoogste prijzen wereldwijd. Iets dat Thomas Olde Heuvelt dit jaar (2014) en vorig jaar met zijn publicatie op Tor.com en zijn twee Hugo nominaties overduidelijk heeft aangetoond.

Mijn benadering tot jureren

Bij het lezen en beoordelen van jouw verhaal let ik op verschillende dingen. Het proces gaat ongeveer als volgt: als je punt 1 weet te raken, schuif je automatisch door naar punt 2. Van daar naar punt 3, en zo voorts. Des te verder je komt, des te hoger mijn waardering.

1: Is het genre? Past het verhaal (ongeveer) in het genre van deze wedstrijd?

2: Spreekt het? Is het vanuit je hart en je ziel en je vlees en je botten geschreven? Voel ik jou, de schrijver in je verhaal? Kun jij me (met jouw stem en jouw ziel en jouw woorden) verdriet en vreugde en verwondering laten voelen?

3: Gaat het ergens over? Raakt het een thema, een onderwerp dat verband houdt met het nu, met het verleden, met ons, met onze menselijkheid? Met de realiteit waarin we leven?

4: Is het een verhaal? Heeft het personages? Is het geschreven vanuit deze personages, of rondom deze personages? Is er een rode draad? Een ontwikkeling van gebeurtenissen, personages en/of een thema?

5: Beheers je je structuur? Klopt je verhaal? Ben je je bewust van wat je aan het bouwen bent? Ben je in staat dat volledig vorm en samenhang te geven? (Lineair, non-lineair, met één centraal karakter of met meerdere karakers, een open einde, een afgerond einde, een opbouw van spanning of afwikkeling van een concept?)

6: Heb je nagedacht? Heb je gekeken naar de verdere consequenties van je keuzes? Als dit gebeurt, heb je dan ook naar dat en zus en zo gekeken? Klopt de interne logica van je verhaalwereld? Heb je research gedaan? Ben je consistent in wat je vertelt en beweert?

7: Heb je zorg besteed? Is je verhaal op het laatste moment afgeraffeld, of heb je het een aantal keer doorgelezen en geredigeerd? Kan ik zien dat je zorg hebt besteed aan je karakters? Je wereld? Je uitwerking? Heeft je wereld detail? Kleur? Geur? Gevoel? Sfeer?

8: Heb je een open blik? Hoeveel verschillende gezichtspunten zie ik met betrekking tot een standpunt? Durf je stellingen in je verhaal tegen te spreken? Is iedereen (die van belang is) stralend gezond, blank, mannelijk en/of heteronormatief of leven er ook andere mensen met een stem en persoonlijkheid een mogelijke gebreken in jouw wereld? Bevestig je in je verhaal de vooroordelen van je omgeving of probeer je deze te doorbreken en ontkrachten?

9: Laat het indruk achter? Kan ik me een dag later nog herinneren waar je verhaal over ging? Maakten je karakters, (een aantal van) je scenes en je wereld indruk op me? Kwam het tot leven? Zag ik het voor me? Honger ik naar meer van jouw werk?

Parallel daaraan kijk ik naar het volgende:

A: Heb je de klassiekers gelezen? Weet je wat er speelt in het genre? Gaat je kennis verder dan wat er o.a. in Amerikaanse TV-series wordt getoond en gedaan? Kun je iets schrijven dat past in het nu (met inzichten van nu, thema’s die aansluiten op het nu, in plaats van – bijvoorbeeld – ideeën uit 1931 en 1951 te herkauwen)?

B: Schrijf je voor volwassenen? Het lijkt soms alsof SF en Fantasy door ongeveer 50% van de inzenders worden gezien als ‘kinderwerk’. “Kabouter Pim en de grote draak”. “Jantje en de wonderraket”. Dit is het enige punt waar ik echt onaangenaam ben: ik diskwalificeer dat werk zonder enige aarzeling door het een minimaal aantal punten te geven.

Taal

Wat je in mijn lijst niet tegen bent gekomen is “taal”. Het zal me worst wezen of je verhaal stikt van taal en schrijffouten. Dit is geen dictee maar een verhalenwedstrijd.

Ik ben echter niet het enige jurylid. Bij deze daarom: zorg dat je verhaal vrijwel foutloos is. Zorg dat je zinnen vloeien. Zorg dat je komma’s en trema’s en punten en hoofdletters en witregels zoveel mogelijk daar zitten waar ze horen.

Rondes

Uniek aan Trek Sagea is dat je je verhaal kunt redigeren en opnieuw in kunt sturen als het wel of niet door een selectie komt (zie Sectie 6 van het reglement: Wedstrijdverloop). Maak daar gebruik van. Maak zo vroeg mogelijk je eerste versie. Maak het goed. Stuur het in. Gebruik de feedback. Maak het beter.

Jij en je verhaal, de jury en de wedstrijd

Het is ontzettend lastig om te voorspellen wat de winnende factoren zijn voor een jury en een verhalenwedstrijd.

Bottom line: schrijf het allerbeste verhaal dat jij op dit moment kunt schrijven, met de onderwerpen die jou het meeste aanspreken.

Ga ervan uit dat je verhaal (zolang je verhaal binnen de genre-beperkingen van de wedstrijd valt) met een open blik door elk van de juryleden gelezen zal worden.

Ga er verder van uit dat kwaliteit (Hoe is het geschreven? Leeft het? Werkt het? Laat het een indruk achter?) je belangrijkste wapen is in de strijd naar de eerste plaats.

Redigeer je werk. (Ja dit kan rotwerk zijn. En ja: het loont.)

Vind en gebruik proeflezers die je kunnen helpen bij het vinden van plotgaten en zwakke plekken.

Redigeer daarna nog meer (zodat het beter dan goed kan worden 🙂 ).

Stuur het zo snel mogelijk in (zie mijn eerdere opmerking).

Veel succes.

Links

http://nl-sffh.com  – Verzamelpagina Nederlandse SF/F/Horror
http://peterkaptein.com/atormondis/  “The Ator Mondis years”

3 reacties

Opgeslagen onder 2014, 2015, Jury